AANDACHT
Blote wortel plantgoed is leverbaar van half november tot eind maart,
het ideale plantseizoen voor succesvolle aanplant.
Pyrus communis 'Sommerblutbirne' - Peer
| Bestuiving: niet zelfbestuivend (zie beschrijving voor bestuivers) |
| Licht: zon tot halfschaduw |
| Syntropie: 60% - 80% licht (high) |
| Bodem pH: licht zuur, neutraal |
| Vochtigheid: fris |
| Winterhard tot zeker: -15°C |
| Gebruik: dessert (vers), keuken (verwerkt) |
Oorsprong en achtergrond
‘Sommerblutbirne’ is een oude Europese perenvariëteit met rood gemarmerd vruchtvlees. Zulke bloedperen werden bewaard in boomgaarden en fruitcollecties om hun bijzondere vruchtkenmerken. De naam zegt wat je bij het opensnijden ziet: tussen het lichte vlees lopen roze tot rode zones.
Binnen het erfgoed van bloedperen bestaan verschillende rassen en lokale namen. ‘Sommerblutbirne’ is hier de opgegeven cultivar; de eigenschappen van andere roodvlezige peren mogen daar niet automatisch mee worden gelijkgesteld.
Vruchten
De vruchten zijn klein en vaak bijna rond. De groene tot grijsgroene schil kan bij rijpheid geler worden en aan de zonzijde rode tinten krijgen. De hoeveelheid rood aan de buitenkant geeft geen nauwkeurige voorspelling van het patroon binnenin.
Het vruchtvlees is grover van korrel, zoetig en licht kruidig. De rode marmering kan binnen een vrucht ongelijk verdeeld zijn en is rond het klokhuis soms duidelijker. Net rijp is de peer nog sappig. Bij verdere rijping wordt het vlees snel zachter en meliger. Het juiste eetmoment is daardoor belangrijker dan een volledig egaal gekleurde schil.
Rijping
Dit is een zomerpeer met een korte gebruiksperiode. Begin in een warme zomer vanaf juli te controleren en volg de vruchten ook in augustus op. De precieze plukperiode verschuift met plaats, seizoen en het geteelde materiaal; een vaste kalenderdag is voor dit oude ras weinig bruikbaar.
Oogst in kleine rondes zodra de eerste peren gemakkelijk loskomen en aangenaam smaken. Laat ze niet allemaal aan de boom hangen tot ze door en door zacht zijn. Snijd bij twijfel een proefvrucht open om de structuur te beoordelen. Eet de oogst kort na het plukken of verwerk hem meteen. Voor een voorraad verse peren tot in de winter is dit ras niet geschikt.
Culinair
Serveer de peer in kleine partjes zodat de rode tekening zichtbaar blijft. Ze kan als verse aanvulling bij een dessert of in een fruitsalade worden gebruikt. De vrij grove korrel vraagt een andere verwachting dan het boterzachte vlees van een klassieke herfstpeer.
Ook compote, moes en kleine gebakjes zijn mogelijke toepassingen. Werk bij het voorbereiden in kleine hoeveelheden: rijpe zomerperen kneuzen gemakkelijk. Proef de vrucht voordat je extra suiker of sterke kruiden toevoegt, zodat de zachte eigen smaak herkenbaar blijft. Bij moes kun je de korreling desgewenst verminderen door de bereiding te zeven. Hoe sterk de kleur in een gerecht zichtbaar blijft, hangt mede af van de gebruikte vruchten en bereiding.
Boomverzorging en onderhoud
De boom kan behoorlijk groeikrachtig zijn en vraagt ruimte voor een goed belichte kroon. De uiteindelijke afmetingen hangen af van de onderstam en boomvorm. Kies daarom niet op de kleine vruchtmaat wanneer je de benodigde plaats in de tuin inschat.
Een zonnige plek met een goed doorwortelbare, voldoende vochthoudende bodem ondersteunt de ontwikkeling. Vermijd blijvend natte grond en sterke concurrentie van gras vlak rond een jonge stam. Geef tijdens droge perioden water en leg eventueel een mulchlaag op de wortelzone, vrij van de stamvoet.
Vorm de kroon geleidelijk. Verwijder kruisende takken gericht en zorg dat plukken zonder veel beschadiging mogelijk blijft. In een pluktuin is dat extra zinvol: door de korte gebruiksperiode kom je tijdens de oogst beter meermaals langs de boom dan alles in één keer te verzamelen.
Bestuiving
Voorzie kruisbestuiving met een passende andere peer. 'Beurré Hardy', 'Bon Chrétien Williams' en 'Bergamotte Esperen' staan bekend om hun goede stuifmeel en relatief lange bloeiperiode. Dat maakt ze interessante kandidaten om voldoende bloeioverlap te vinden.
Bijen en andere bloembezoekers zorgen voor de overdracht van het stuifmeel. Plant de bestuiver op een goed bereikbare afstand en zorg voor een lichte kroon en een bloemrijke omgeving die bestuivende insecten ondersteunt.