AANDACHT
Blote wortel plantgoed is leverbaar van half november tot eind maart,
het ideale plantseizoen voor succesvolle aanplant.
Malus domestica 'Reinette de Flandre' - Apple
| Pollination: not self-fertile (pollinators in description) |
| Light: sun to partial shade |
| Syntropy: 60% - 80% light (high) |
| Soil pH: lightly acidic, neutral |
| Soil humidity: semi-moist |
| At least hardy till: -15°C |
| Harvest: end of September |
| Can be stored until: December |
| Use: table (fresh), kitchen (transformation), juice |
| RGF - ENR: ENR (Espace Naturel Régional) |
Oorsprong en achtergrond
‘Reinette de Flandre’ is een oude regionale appel uit het grensgebied van Noord-Frankrijk en België. Het ras werd in het Boulonnais teruggevonden en vertoont volgens vergelijkingen sterke overeenkomst met ‘Wheeler’s Russet’ of ‘Osnabrücker Renette’. De precieze historische naamgeving blijft complex, maar het regionale materiaal heeft een duidelijke plaats in het fruiterfgoed van onze streek.
Vruchten
De vruchten zijn klein tot middelgroot en rond-kegelvormig. De schil is aanvankelijk grijsgroen en wordt bij rijping geler en sterker verruwd; aan de zonzijde kan een rode blos ontstaan. Het witte vruchtvlees is bij de oogst krokant en zeer sappig, met een duidelijke maar aangename zuurtoon en voldoende suiker.
Rijping
In onze streek wordt het ras doorgaans in oktober geplukt. Voor verse consumptie ligt de beste periode meestal van oktober tot december. Voor bereiding kunnen goed bewaarde vruchten soms langer bruikbaar blijven.
Culinair
‘Reinette de Flandre’ is een echte dubbeldoelappel. Vers biedt hij een stevige beet en frisse smaak. Door de zuur-suikerbalans is hij geschikt voor sap, compote, taart en gebakken appel. Het vruchtvlees oxideert vrij snel, waardoor moes of snijvlakken bruin kunnen kleuren.
Boomverzorging en onderhoud
De boom wordt doorgaans als krachtig, goed vertakkend en middelbreed uitgroeiend beschreven. Hij kan vroeg in productie komen en regelmatig tot rijk dragen wanneer de vruchtzetting wordt uitgedund. Onderstam, bodem en boomvorm beïnvloeden de zichtbare groeikracht en uiteindelijke grootte.
Zorg voor een zonnige, luchtige standplaats met voldoende bodemvocht zonder waterverzadiging. Bij zware dracht is dunning nodig. Bronnen verschillen over schurftgevoeligheid, maar noemen wel aandacht voor meeldauw en vruchtboomkanker op gevoelige standplaatsen.
Bestuiving
‘Reinette de Flandre’ is triploïd en niet zelfvruchtbaar. Hij heeft een diploïde bestuiver nodig, maar levert zelf geen betrouwbaar stuifmeel. Bij een nieuwe aanplant zijn twee onderling compatibele diploïde partners de veiligste keuze.
Goede bestuivers uit het huidige VLOET Permafruit-assortiment: ‘Alkmene’, ‘Colapuis’, ‘Précoce de Wirwignes’, ‘President van Dievoet’ en ‘Transparante Blanche’.