ATTENTION
Les plants à racines nues sont disponibles de la mi-novembre à fin mars,
la saison idéale pour une plantation réussie.
Malus domestica 'Mutsu' - Pomme
| Pollinisation: non autofertile (pollinisateurs dans la description) |
| Exposition: soleil à mi-ombre |
| Syntropie: 60% - 80% lumière (haut) |
| pH du sol: légèrement acide, neutre |
| Humidité du sol: semi-humide |
| Rustique jusqu'à au moins: -15°C |
| Récolte: mi-octobre |
| Se conserve jusqu'à: janvier |
| Utilisation: table (frais) |
Oorsprong en achtergrond
‘Mutsu’, ook bekend als ‘Crispin’, werd in 1930 verkregen aan het appelproefstation van Aomori in Japan uit ‘Golden Delicious’ × ‘Indo’. De selectie droeg voor het eerst vrucht in 1939 en werd eind jaren veertig verspreid. Het ras is triploïd: het kan worden bestoven, maar levert zelf geen betrouwbaar vruchtbaar stuifmeel.
Vruchten
De appels zijn groot tot zeer groot en rond-kegelvormig tot langwerpig. De gladde, wasachtige schil is eerst groen en kleurt bij rijping geel tot goudgeel, soms met een koperkleurige blos. Het crèmewitte vruchtvlees is stevig, grofknapperig en zeer sappig. De smaak is overwegend zoet, met frisse zuurheid en vaak een honingachtige, soms licht anijsachtige kruidigheid.
Rijping
In onze streek wordt ‘Mutsu’ doorgaans eind september tot in oktober geplukt. De grote vruchten vragen een zorgvuldige pluk. Tijdens de eerste weken bewaring wordt de smaak vaak ronder. Gave appels kunnen koel meerdere maanden behouden blijven.
Culinair
‘Mutsu’ is een veelzijdige dessert- en keukenappel. Hij is sappig en knapperig uit de hand, houdt bij verhitting behoorlijk zijn vorm en is geschikt voor taart, gebakken appel en ovenschotels. Voor sap geeft het ras veel volume en zoetheid.
Boomverzorging en onderhoud
De boom groeit sterk en breed uit en vormt veel kort vruchthout. Hij kan rijk dragen, maar heeft aanleg voor beurtjaren. Tijdige vruchtdunning ondersteunt formaat, smaak en bloemknopvorming. Onderstam en boomvorm blijven doorslaggevend voor de uiteindelijke afmetingen.
Kies een warme, zonnige en luchtige standplaats met een vruchtbare, vochthoudende maar goed doorlatende bodem. Geef tijdens lange droge perioden diep water. ‘Mutsu’ is gevoelig voor appelschurft en voor bacteriële blister spot.
Bestuiving
‘Mutsu’ is triploïd en zelfsteriel. Het ras heeft een diploïde bestuiver nodig en kan zelf niet als bestuiver voor die partner dienen. Plant bij voorkeur twee onderling compatibele diploïde rassen die tegelijk bloeien.
Goede bestuivers uit het huidige VLOET Permafruit-assortiment: ‘Cox’s Orange Pippin’, ‘James Grieve’ en ‘Reine des Reinettes’.